Spelen met perspectief: de jij-vorm (gastblog)
De jij-vorm hoort in de gereedschapskist van schrijvers van teksten voor kinderen, vindt schrijver en redacteur Janne van der Leer. In het gastblog hieronder vertelt ze waarom de jij-vorm zo aanstekelijk werkt. Lees verder “Spelen met perspectief: de jij-vorm (gastblog)”
Jij-vorm in teksten voor kinderen
In mijn blog Alsof je erbij bent liet ik zien hoe je met de jij-vorm in teksten voor kinderen de afstand tot de lezer verkleint. Een paar mooie voorbeelden hiervan vond ik in het informatieve kinderboek Het neusje van de zalm, waarin Maria van Donkelaar en Martine van Rooijen uitdrukkingen en spreekwoorden uitleggen. Ik licht er eentje uit: Lees verder “Jij-vorm in teksten voor kinderen”
Register: nodig of overbodig?
Raadplegen kinderen wel eens een trefwoordenregister in een informatief boek? Ik vraag het me af. Toch hebben veel informatieve kinderboeken een register. Recensenten zien dat als een pre. Ze hebben gelijk, maar dan moet het wel een bruikbaar register zijn. En zeker geen automatisch gegenereerde trefwoordenlijst. Lees verder “Register: nodig of overbodig?”
De jij-vorm: alsof je erbij bent
Hoe breng je een gebeurtenis uit een ver verleden (of een ver land) dichterbij? Door de lezer er een hoofdrol in te geven. En hoe doe je dat? Met de tweede persoon enkelvoud, de jij-vorm dus. Een tekstje over kinderarbeid in de negentiende eeuw ziet er dan zo uit: Lees verder “De jij-vorm: alsof je erbij bent”
Verdrietig om Napoleon. Over de leefwereld van kinderen
Sluit aan bij de leefwereld van kinderen en kies daaruit je voorbeelden. Heel vanzelfsprekend als je schrijft voor kinderen. Een gedicht dat zo’n kinderperspectief prachtig illustreert, is Napoleon van Miroslav Holub. Lees verder “Verdrietig om Napoleon. Over de leefwereld van kinderen”
Dialoog in non-fictie (1)
De dialoog is een effectieve schrijftechniek, maar wordt weinig gebruikt in non-fictie voor kinderen (informatieve en educatieve teksten). Dat is jammer, want een dialoog trekt de aandacht en: Lees verder “Dialoog in non-fictie (1)”
Kinderen en de dood
Hoe leg je aan kinderen uit wat de dood is? In de bibliotheek vond ik het boek Dood zijn, hoe lang duurt dat? van Werner Storms. Het is een boek uit 2000, maar zo veel is er sindsdien niet veranderd aan doodgaan. Waarom vind ik dit een goed boek over kinderen en de dood? Lees verder “Kinderen en de dood”
Kapot. Hij doet het niet meer.
Toen mijn vader overleed en de uitvaartbegeleidster zag dat er een jongetje van drie in onze familie rondliep, bood ze ons een kinderboekje aan. We konden kiezen uit Opa is in de hemel of Opa is een sterretje. Een versie voor gelovigen en een versie voor ongelovigen. Meer smaken waren er niet, maar beide waren niet onze smaak. Lees verder “Kapot. Hij doet het niet meer.”
Rijm in informatieve kinderboeken
Een versje is een klein verhaaltje dat rijmt en dat huppelt, schrijft Hans Kuyper in zijn boek Kat in ’t bakkie, rijmen is een makkie. Een makkie? Misschien wel als je er een eind op los mag fantaseren. Ivo de Wijs doet dat in zijn sprookjesboek op rijm: En ze leefden nog … (briljante titel trouwens). Hij stopt niet alleen koekjes in het mandje van Roodkapje, maar ook nog andere kruidenierswaren. Lees verder “Rijm in informatieve kinderboeken”
Moeilijke woorden in kinderboeken: ja!
Alliteratie, versvoet, enjambement, rime riche, distichon, terzine, kwatrijn en acrostichon: te moeilijke woorden voor een kinderboek? Nee, niet als je ze goed inleidt en toelicht zoals Hans Kuyper dat doet in zijn boek Kat in ’t bakkie, rijmen is een makkie (8+). Dat boek gaat over poëzie, en over versjes maken in het bijzonder. Zo leidt Hans Kuyper de moeilijke woorden in: Lees verder “Moeilijke woorden in kinderboeken: ja!”
